De eerste maanden met een streamer!! Het liep niet soepel, in meerdere opzichten

Van het vissen met vliegen kleiner dan 2,5 cm word ik al wat minder enthousiast, bovendien werd de lijn van de eerste maanden van het jaar, d.w.z. slechte vangsten ook in april en mei voortgezet. Overigens niet alleen door mij maar ook door de vismaten om mij heen. Mijn verwachtingen waren wel weer wat groter op het moment dat eind mei de beperking wat betreft de lengte van de vlieg verviel. Streamertijd, yes!!!

Waar echter vroeger op mijn stekken langs het kanaal vaak eind mei al aardig baars te vangen was, is dat de laatste jaren al niet meer het geval. Pas eind september, begin oktober begint de baars daar actief te worden. Dat is dan ook het moment dat in de grachten en de singels weer goed baars te vangen is. Daarbij helpt het dan ook dat het aantal vaarbewegingen in en passanten langs de grachten behoorlijk afneemt in die periode, wat het vissen, zeker met de vliegenhengel, vereenvoudigt. Wel werd ik in de eerste dagen van het nieuwe seizoen al getrakteerd op een aardige snoekbaars van een cm of 55 in het NH kanaal. Niet echt groot maar op mijn zachte viertje leverde het toch wel een mooie dril op.

Frits112

Wat ook erg leuk was, ik ving de eerste vis op de Thundercreek uit de bindwedstrijd. Ik had al een keer eerder met soortgelijke patronen gewerkt en toen de “opdracht“ voor het binden van een Thunder Creek begin juni binnenkwam ben ik meteen gaan binden. Twee dagen later had ik gelegenheid om de streamer te water te laten en redelijk snel had ik een snoekbaarsje aan de lijn. Snel foto`s gemaakt van de snoekbaars (net aan 30 cm) en de streamer en het resultaat gemaild aan Roland. En zo waar, ik was de eerste die een vis aan de Thunder Creek gevangen had. Ik gebruik als materiaal i.p.v. bucktail craft fur, waardoor ik het patroon daarna wel wat ben gaan aanpassen om bij het binnenvissen het slanke profiel te kunnen behouden.

 Frits113

Frits114

Halverwege juli leek het toch wel of er sprake van was dat de baars eerder actief werd. Een aantal keer vissen leverde toch wel een 5 a 6 baarzen op al waren de meeste wel erg klein, zo`n 10 tot 20 cm met af en toe een uitschieter naar 25 -30 cm. Echter na 1 augustus vielen de vangsten weer stil en de laatste weken heb ik, ook bij de goede stroming, op mijn thuisstek bijna geen baars meer gevangen. Wel had ik nog een aparte ervaring toen een snoek de baars greep die daarvoor mijn streamer pakte. Dat het een snoek was die voor de kromme hengel zorgde had ik al gauw in de gaten maar ik stond wel te kijken toen zij in beeld kwam. Ze zal niet veel kleiner gewest zijn dan een meter. Zoals te verwachten viel “loste“ zij uiteindelijk wel de baars maar ik was wel enige tijd met haar bezig geweest.

Op het Alkmaardermeer verliep het baarsseizoen in eerste instantie zoals normaal in juni. Varend werden door Hans en mij wel wat baarzen gevangen, soms zelfs wel mooie exemplaren van 30 -35 cm maar van schoolvorming was amper sprake, de baarzen moesten overal vandaan worden gesprokkeld. Voor anker gaan was dan ook geen optie, dan heb je toch wel een stek nodig met een redelijke school baarzen.

De hoop was dan ook gevestigd op juli als normaal gesproken de vangsten toenemen en je soms voor anker liggend een uur of langer baars vangt, in ieder geval aanbeten krijgt. Normaal gaan we dan begin juli extra gemotiveerd het water op, dit jaar was het door omstandigheden echter pas half juli voor we weer uit konden varen.

Maar dit jaar verliep dat toch anders. Zelfs na half juli was er weinig schoolvorming en als je dan een schooltje dacht gevonden te hebben en voor anker ging, was het na enkele baarzen al weer gauw over. Opvallend was ook dat er ook geen sprake was van schoolvorming van gelijke grootte. Zowel varend als voor anker liggend ving je op hetzelfde stuk water uitgesproken “schaambaarsjes” (kleiner dan 10 cm) afgewisseld met af en toe knappe baarzen van 30+ cm. Dit jaar lijkt het ook wel of de middenklasse baars, 30 – 40 cm wat afgenomen is, al hoorde ik van Martien dat hij daarentegen de nodige 50 cm baarzen heeft gezien. Alleen volgden die dan wel zijn streamer, maar pakten hem niet.

Vrijdag 20 augustus hadden we echter weer een stek waar het enigszins als vanouds ging. Veel aanbeten, behoorlijk wat baars gevangen, weliswaar ook nu zeer wisselend van grootte maar toch ook tussendoor de nodige 30 +ers. Wat die dag wel opviel is dat je ze eigenlijk alleen maar stilliggend vanuit de boot vangt als je de vlieg een uitgesproken bijna verticale jiggende actie mee gaf. Gewoon vanaf 10-15 meter binnen strippen van de vlieg, langzaam of snel, met rukjes, grote halen of juist gelijkmatig, gaf weinig resultaat. En, mogelijk omdat die jiggende actie pas goed tot zijn recht komt als je de (zinkende) lijn bijna helemaal binnen gestript hebt en de lijn dus praktisch recht naar beneden hangt, komen de meeste aanbeten dan ook vlakbij de boot, zeg maar op hengellengte. Martien en later ook nog Ferry vertelde mij overigens ook dat er met de dropshot vaak wel heel goed gevangen wordt en qua actie van het kunstaas zit daar wel een overeenkomst in met het vissen onder de top van de vliegenhengel, namelijk een zaagtandbeweging. Toch is het wel opvallend dat, in tegenstelling tot vorige jaren, binnen strippen tot nu toe zo weinig oplevert en dat de specifieke zaagtand beweging blijkbaar nodig is om de baars tot aanbeten te verleiden. En ik kan mij ook niet voorstellen dat binnen een kwartier na ankeren alle baars zich vlak bij de boot is gaan verzamelen.

Zou dat iets zeggen over afwezigheid van voedseldrift bij de baars waardoor het nodig is ze extra te prikkelen? Het water is ook troebeler dan anders, misschien speelt dat een rol? De klassieke visserssmoes “het is te koud, de wind staat verkeerd etc.”?

Maar hoe bereik je nu op een grotere afstand een zaagtandbeweging met de vliegenhengel? Opeens schoot mij te binnen dat al snel na mijn start als vliegvisser, eind tachtiger jaren, ik vaak met Ruard viste, hij was in die jaren ook mijn leermeester. Het viel ons al snel op dat hij meer voorn ving dan, maar ik daarentegen meer baars. Toen we eens lijnen, leaders en vliegen met elkaar vergeleken werd de reden werd duidelijk. We visten weliswaar beide met een drijvende lijn, maar Ruard met een behoorlijk lange leader, twee kleine licht nimfen en hij viste langzaam en gelijkmatig, ik met een veel kortere leader (soms niet eens 2 meter), een behoorlijk verzwaarde en overigens ook grotere vlieg. En wat sneller en met rukjes. Het gevolg was dat bij het binnen vissen de nimfen van Ruard redelijk recht door het water gingen, maar de vlieg van mij bij het binnen vissen veel meer een zaagtand beweging maakte. Dus ook in bovengenoemde situatie zou een oplossing kunnen zijn een drijvende lijn met iets meer dan 2 meter leader (wij vissen vanuit de boot zelden dieper dan twee meter) en een flink verzwaarde vlieg. Iets om de volgende keer uit te proberen als dit gedrag van de baars zich blijft herhalen.

Maar dat zal je dan net zien. 26 augustus waren we weer op het water en, overigens maar op een stek deed de baars het redelijk, hoewel qua aantal en grootte minder dan de vorige week. Dit keer was het helemaal geen kwestie van alleen dicht bij de boot de aanbeten krijgen. Soms wel maar net zo vaak op een grotere afstand en altijd met gewoon binnen strippen. Aan mijn zaagtandconstructie voor de vliegenhengel had ik dus niet zo veel, maar wie weet, een volgende keer.

En wat betreft: “Het liep niet soepel, in meerdere opzichten” in de aanhef. Ik had zelf ook behoorlijke beperkingen wat betreft de mobiliteit waardoor ik al langere tijd alleen maar vlak bij huis kon vissen. Sinds eind vorig jaar had ik al af en toe problemen met mijn linkerbeen, half maart van dit jaar verergerde dat waardoor ik alleen nog maar kleine stukken kon lopen en fietsen, Eerst werd gedacht aan een beknelde zenuw in mijn rug maar na 1 ½ maand fysiotherapie werd duidelijk dat er daarnaast nog een probleem speelde. Na veel onderzoeken in het ziekenhuis werd duidelijk dat er in een ader van mijn linker onderbeen een klein obstakel zat wat echter alleen met een bypass ongedaan gemaakt kon worden. Nu was mijn mobiliteit al voor de operatie op 23 juni al beperkt maar de eerste weken na de operatie was daar wel erg weinig van overgebleven. Bovendien, met het bekende dikker worden van been en voet na een bypass kon ik hooguit nog een stel oude crocs aan, ook niet ideaal om mee te gaan vissen. De eerste twee weken in juli moest ik het vissen vanuit de boot dan ook voorbij laten gaan, gelukkig kon ik vanaf de derde week met behulp van een keukentrapje en wat steun van Hans in en uit de boot komen. Inmiddels stap ik al weer enige tijd gewoon in en uit de boot en is mijn mobiliteit qua lopen en fietsen gelukkig weer bijna normaal. Wat nog wel een probleem is, gezien mijn verdikte voet (tijdelijk minstens een maat groter), zijn laarzen, maar dat lost zich hopelijk ook wel op tegen de tijd dat het nodig is ze te gaan gebruiken. En het gebruik van een waadpak heb ik maar even naar volgend jaar verschoven. Maar uiteindelijk is het nu nog maar klein leed en kan ik bijna weer gaan en staan waar ik wil. M.a.w. weer lekker overal vissen.

NB

Ik schreef wel hierboven dat ik mij niet kan voorstellen dat de baars zich op een gegeven moment bij de boot gaat verzamelen, maar ik heb dat toch wel vaker meegemaakt. Ankeren doen Hans en ik altijd op enige afstand van waar we denken dat de school baars zich bevindt. Na het ankeren ving je eerst de baarzen vanaf zo`n 15 meter vanaf de boot maar langzamerhand kwamen dan de aanbeten steeds dichter bij de boot tot soms bijna onder de boot vandaan en krijg je op 10/15 meter amper nog aanbeten. In het boek “Perch Contemporary Days and Ways” van John Bailey en Roger Miller beschrijven de auteurs ook een situatie waarin ze vissend op een forellenreservoir een grote school baars waarnemen die zich onder een forellenkooi ophouden. Nadat ze op een afstand van een meter of 10 vanaf de kooi ankerden bemerkten ze dat binnen een half uur een groot deel van de school zich verplaatste tot vlak bij en zelfs onder hun boot. Daar waren grote baarzen bij ( 2 en 3 pond) en bijna alle baarzen werden gevangen door het kunstaas vlak naast de boot verticaal te laten bewegen. De reden hebben ze niet kunnen achterhalen maar ook andere baarsvissers die op meren vissen kwamen met vergelijkbare ervaringen, zelfs zonder de aanwezigheid van een forellenkooi. En voor de volledigheid, er werd in bovenbeschreven situatie door de auteurs bewust niet gevoerd met maden of wormen. Het geeft te denken, de boot als lokmiddel. Aan de andere kant, om nu een halve dag voor anker te gaan totdat zich een school baars onder je boot verzamelt gaat mij ook weer wat te ver.

Lid worden?

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.